Iedereen in en rond de overheid lijkt het erover eens: de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) is belangrijk. Bestuurders verwijzen ernaar, organisaties noemen het in strategiedocumenten en in presentaties duikt de term voortdurend op. Maar in zijn gesprekken merkt Richard Vielvoije, directeur van Rijksorganisatie ODI, dat de inhoud van NDS minder bekend is. Daarom liet hij een poster ontwikkelen.
‘Ik vind de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) geniaal. Wat het geniaal maakt is dat in relatief korte tijd zijn met heel veel partijen afspraken gemaakt én bestuurlijk afgetikt. Dat is uniek in Nederland. Daardoor is iedereen er trots op: gemeenten, provincies, waterschappen én het Rijk.’
‘Het is een belangrijk document dat richting geeft aan het werk waar ook ODI zich de komende jaren voor in zal zetten. Dus het is onderwerp van gesprek met al onze opdrachtgevers. Maar in gesprek merk ik dat maar weinig mensen weten wat er écht in staat.’
Poster
Daarom liet Richard door het communicatieteam een poster ontwikkelen, waarmee hij nu letterlijk onder zijn arm naar gesprekken rijksbreed gaat. ‘Ik neem ’m overal mee naartoe. Bij ieder gesprek waar NDS valt, klap ik die poster open en zeg: “Kijk, waar heb jij het precies over?” Mensen reageren daar enthousiast op.’
‘Idealiter wil ik dat de NDS voor veel meer mensen concreet en top-of-mind wordt. ODI speelt geen hoofdrol op de poster zelf en dat is bewust. Primair wil ik dat de NDS landt. Via die weg laten we daarna zien welke rol ODI kan spelen en positioneren ODI tegelijkertijd als kennis- en realisatiepartij die in het hart staat van die agenda.’
De NDS als richtingwijzer
De NDS bestaat uit zes thema’s, elk met een duidelijke koers. ‘Op veel van die onderwerpen zijn wij al actief en daarop willen we onze positie versterken. Op sommige punten is de NDS voor ons juist een richtingaanwijzer: daar willen we nadrukkelijker naartoe bewegen. De NDS helpt om scherper te kiezen: waar willen we kennis opbouwen, en waar juist niet? Dit doen we bijvoorbeeld in onze themawerkgroepen, zoals de werkgroepen AI en Digitaal vakmanschap.’
‘Een mooi voorbeeld uit de NDS is de wens om een overheidsbreed AI-competentiecentrum in te richten. Zo’n kenniscentrum is precies wat wij als ODI willen zijn. Bij gesprekken met opdrachtgevers helpt het dan enorm om te kunnen zeggen: “Kijk, deze wens staat in de NDS en wij, ODI, zijn dé partij om dit realiseren.”’
Kracht van ODI
‘ODI heeft een unieke kracht waarmee we de overheid kunnen helpen bij het verder brengen van de NDS, namelijk het stimuleren en faciliteren van samenwerking. Dat klinkt simpel, maar juist daar zit vaak de meeste winst. In de NDS zie je dat elk van de zes thema’s overlapt met een ander thema, zoals data, technologie en organisatie. Wij zijn een club die continu werkt op die snijvlakken en verbanden ziet tussen de verschillende maatschappelijke opgaven die horen bij die thema’s.’
‘Veel van die opgaven passen niet in één departement, en dat is precies de reden dat ODI is opgericht. We zijn de enige rijksorganisatie met consultants die bij álle twaalf departementen werken. En omdat onze consultants rijksbreed zitten, zien we alles en weten we de juiste combinaties te leggen. Zo zorgen we ervoor dat je het wiel niet steeds opnieuw hoeft uit te vinden, maar leert van elkaar. Dat vind ik heel gaaf!’